BASE Advocaten - The Litigation Firm

Een stap dichterbij een civielrechtelijk bestuursverbod

Blogs 10 juli 2015

Op 23 juni 2015 is het voorstel tot Wijziging van de Faillissementswet in verband met de invoering van de mogelijkheid van een civielrechtelijk bestuursverbod [1] (“Wet civielrechtelijk bestuursverbod”) met algemene stemmen aangenomen door de Tweede Kamer. Daarmee heeft de politiek een grote stap gezet richting de invoering van de wettelijke mogelijkheid om een civielrechtelijk bestuursverbod op te leggen aan een bestuurder die faillissementsfraude pleegt of zich schuldig heeft gemaakt aan wangedrag in aanloop naar een faillissement. Maar wat betekent dat concreet? Deze bijdrage biedt u een beknopt overzicht van het wetsvoorstel.

Doel Wet civielrechtelijk bestuursverbod
Met de Wet civielrechtelijk bestuursverbod beoogt de wetgever aperte onregelmatigheden in of rondom een faillissement te bestrijden. Daaronder valt natuurlijk faillissementsfraude, maar de wetgever wil ook andere onregelmatigheden, zoals het tegenwerken van de curator, faillissementsrecidive en de benadeling van crediteuren voorafgaand aan een faillissement tegengaan met dit wetsvoorstel. De mogelijkheid tot het opleggen van een civielrechtelijk bestuursverbod zou volgens de wetgever leiden tot een effectievere bestrijding van faillissementsfraude en onregelmatigheden in of rondom een faillissement en moet voorkomen dat bestuurders hun activiteiten via allerlei omwegen en met nieuwe rechtspersonen ongehinderd kunnen voortzetten [2].

Wanneer kan een bestuursverbod worden opgelegd?
Het wetsvoorstel houdt in dat een bestuursverbod kan worden opgelegd als een bestuurder tijdens of in de drie jaren voorafgaand aan het uitspreken van het faillissement van de betreffende rechtspersoon:

  • door een rechter onherroepelijk aansprakelijk is gehouden voor het tekort in de faillissementsboedel op de grond dat aannemelijk is dat onbehoorlijke taakvervulling van die bestuurder een belangrijke oorzaak is van het faillissement (artikel 2: 138/248 BW);
  • de bestuurder doelbewust namens de rechtspersoon rechtshandeling heeft verricht, toegelaten of mogelijk gemaakt waardoor schuldeiseres aanmerkelijk zijn benadeeld en die rechtshandeling bij onherroepelijk geworden uitspraak door de rechter zijn vernietigd (o.g.v. artikel 42 of 47 Fw);
  • de bestuurder, ondanks een verzoek van de curator, in ernstige mate is tekortgeschoten in de nakoming van zijn informatie- of medewerkingsverplichtingen die hij op grond van de Faillissementswet jegens de curator heeft;
  • de bestuurder, het zij als zodanig, hetzij als natuurlijk persoon handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, ten minste tweemaal eerder betrokken was bij een faillissement van een rechtspersoon en hem daarvan een persoonlijk verwijt treft; of
  • aan de rechtspersoon of bestuurder ervan een onherroepelijke boete is opgelegd op grond van de Algemene wet rijksbelastingen wegens (kortgezegd):

(i)      het opzettelijk, niet, onjuist of onvolledig doen van belastingaangifte;
(ii)     een te lage belastingheffing te wijten aan opzet of grove schuld; of
(iii)    een te lage belastingafdracht te wijten aan opzet of grove schuld.

Hiermee geeft de wetgever een limitatieve opsomming van specifieke situaties waarin het civielrechtelijk bestuursverbod moet kunnen worden ingezet. Het opleggen van een bestuursverbod wordt overgelaten aan de rechtbank, die daartoe uitsluitend kan besluiten op vordering van de curator of op verzoek van het Openbaar Ministerie een bestuursverbod.

Aan wie kan een bestuursverbod worden opgelegd?
Het wetsvoorstel voorziet in de mogelijkheid een civielrechtelijk bestuursverbod op te leggen aan bestuurders van besloten en naamloze vennootschappen, stichtingen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen. Wordt een rechtspersoon bestuurd door een andere rechtspersoon, dan is het op grond van het wetsvoorstel ook mogelijk om de bestuurder van de rechtspersoon-bestuurder te onderwerpen aan een bestuursverbod. Daarmee moet worden voorkomen dat de verantwoordelijke natuurlijke persoon een bestuursverbod kan ontwijken door zich te verschuilen achter een keten van vennootschappen in een holdingstructuur. Ook degene die het beleid van de rechtspersoon heeft bepaald als ware hij bestuurder, kan een bestuursverbod worden opgelegd.

Wat zijn de gevolgen van een bestuursverbod?
Als de rechtbank besluit tot oplegging van een bestuursverbod aan een bestuurder, dan heeft dat ingrijpende gevolgen die de vrijheid van ondernemerschap ernstig aantasten. Die gevolgen worden geregeld in het voorgestelde artikel 106b Fw.

Daarin staat dat een bestuurder aan wie een bestuursverbod is opgelegd gedurende vijf jaar nadat dit verbod in kracht van gewijsde is gegaan, of zoveel korter als in de uitspraak is bepaald, niet tot bestuurder of commissaris van een privaatrechtelijke rechtspersoon kan worden benoemd. Een benoeming in weerwil van het verbod is nietig, zo luidt het voorstel. In het ergste geval kan de bestuurder na een bestuursverbod dus vijf jaar lang geen bestuurder of commissaris worden van een rechtspersoon. Met het oog op een one-tier board-constructie wordt met bestuurder gelijk gesteld de uitvoerende bestuurder en met de commissaris de niet uitvoerende bestuurder.

De exacte invulling en voorwaarden van een bestuursverbod zijn aan de rechtbank, die volgens het voorstel zo nodig alle overige gevolgen van het door haar uitgesproken bestuursverbod regelt. De bedoeling is dat de rechtbank maatwerk kan leveren. Het wetsvoorstel sluit verder uit dat de oplegging van een bestuursverbod uitvoerbaar bij voorraad kan worden verklaard. Dit betekent dat een hoger beroep tegen het bestuursverbod altijd schorsende werking zal hebben (artikel 350 Rv).

Als het bestuursverbod onherroepelijk is, wordt de bestuurder terstond uitgeschreven uit en wordt het bestuursverbod en de duur ervan geregistreerd bij het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.

Slot
De beoogde invoering van de Wet civielrechtelijk bestuursverbod moet de curator en het Openbaar Ministerie meer mogelijkheden geven om fraude of andere onregelmatigheden in en rondom een faillissement te voorkomen en te bestrijden. Het voorstel ziet niet uitsluitend ziet op evidente fraudegevallen, maar bijvoorbeeld ook op onbehoorlijk bestuur bij faillissementssituaties in meer algemene zin. Aangezien aan een civielrechtelijk bestuursverbod straks ingrijpende gevolgen kleven, doen bestuurders van rechtspersonen er verstandig aan zich hierover goed te laten informeren.

Voor het echter zo ver is, dient de Eerste Kamer zich nog over het wetsvoorstel te buigen. Het voorbereidend onderzoek door de Eerste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie vindt plaats op 22 september 2015. BASE Advocaten houdt de ontwikkelingen op dit gebied nauwlettend in de gaten.

Mocht u vragen hebben of advies willen aangaande het onderwerp van dit artikel, neemt u dan contact op met mr. M.A. de Vlieger of een van de andere advocaten van de sectie Corporate & Commercial Litigation.

[1] TK 34 011, nr. 2
[2] TK 34 011, nr. 3 (MvT).

Meer informatie

Terug

The Litigation firm

Uw probleem oplossen, zodat u verder kunt met ondernemen. Daar gaat het om. Het is ons vak en onze passie om een zakelijk of arbeidsrechtelijk geschil beheersbaar te maken en op te lossen. Soms kan dat door als advocaat onzichtbaar te blijven en achter de schermen een zo optimaal mogelijk dossier te vormen voor en met u. Een andere keer vraagt een zaak om een aanpak voor de schermen. Diplomatiek waar het kan en agressief waar het moet. En soms is keihard procederen onvermijdelijk. Omdat de grenzen zijn bereikt, omdat een wederpartij niet bereid blijkt tot een constructieve oplossing, of omdat het voor uw reputatie in de markt van belang kan zijn om een streep te trekken.

Maatwerk staat centraal bij de behandeling van iedere zaak. Want we doen het samen, advocaat en cliënt. We investeren in de onderlinge samenwerking en verdiepen ons in uw onderneming en uw markt. BASE maakt duidelijke keuzes uit kracht, omdat we alleen willen doen waar we écht goed in zijn en omdat u altijd moet kunnen rekenen op toegevoegde waarde. Daarom richt onze praktijk zich op Corporate & Commercial Litigation en Arbeidsrecht.

Expertise

Corporate & Commercial Litigation

Bij BASE Advocaten beoefenen we de proces- en conflictmanagement praktijk op het allerhoogste niveau. Wij staan binnen- en buitenlandse cliënten bij in vitale zakelijke geschillen. Geschillen binnen de vennootschap, bestuurdersaansprakelijkheidskwesties, aandeelhouders-geschillen, geschillen over commerciële contracten, overnamegeschillen, geschillen tegen (of voor) financiële instellingen over zorgplichtkwesties en beroepsaansprakelijkheidskwesties. Het zijn slechts enkele voorbeelden. Klik hieronder voor meer informatie.

Lees meer

Arbeidsrecht

BASE Advocaten biedt topspecialisten op het gebied van het arbeidsrecht. Wij staan zowel werkgevers (nationaal en internationaal), individuele bestuurders/werknemers, als ondernemingsraden bij. In de dagelijkse praktijk adviseren en procederen wij onder meer op het gebied van ontslag, reorganisaties, arbeidsvoorwaarden, disciplinaire maatregelen, medezeggenschap en werkgeversaansprakelijkheid. Klik hieronder voor meer informatie.

Lees meer
Partner van
logo Erasmus
Vriend van
logo Sophia Kinderziekenhuis
Actueel-detail - BASE Advocaten
Akkoord
Wij gebruiken cookies om de ervaring op onze website te verbeteren, statistieken bij te houden en je toegang te geven tot onze social media.
Door gebruik te maken van deze website of door op akkoord te drukken, ga je akkoord met ons cookiebeleid.